Oorsprong van de wijn: waar het ooit begon
Het oudste wijnland ter wereld wordt meestal gezien als Georgië. De vroegste bekende archeologische bewijzen voor echte druivenwijn komen uit de zuidelijke Kaukasus, bij vindplaatsen zoals Gadachrili Gora en Shulaveri Gora, ten zuiden van Tbilisi. Daar zijn resten van wijn aangetroffen in aardewerken kruiken die rond 6000 v.Chr. dateren — dus ongeveer 8.000 jaar oud. Deze traditie wordt ook vaak in verband gebracht met de oorsprong van oranje wijn.
Oranje wijn is eigenlijk een witte wijn die wordt gemaakt zoals rode wijn: de witte druiven vergisten samen met hun schillen, waardoor de wijn een oranje tot amberkleur krijgt en meer tannines, structuur en kruidige aroma's dan klassieke witte wijn. Deze methode is dus oeroud: wijnmakers laten druiven met schillen en pitten vergisten.

Aardewerken kruiken gebruikt voor het maken van wijn
Kort gezegd: de oorsprong van het maken van wijn ligt volgens het huidige bewijs in Georgië, in de Kaukasus. Wel bestonden er elders nóg oudere gefermenteerde dranken, bijvoorbeeld in China, maar dat waren mengsels van rijst, honing en fruit — geen pure druivenwijn zoals in Georgië.
Deze traditionele werkwijze is tegenwoordig opnieuw zichtbaar bij wijnproducenten die zoveel mogelijk op ambachtelijke wijze wijn maken, waarbij de druiven worden gefermenteerd in aardewerken kruiken.

